Profiel predikant

Profiel predikant NGK Schiedam

Leraar

Gelet op de primaire taak van een predikant en het gemeenteprofiel verwachten wij van een predikant dat hij vanuit liefde voor en grondige kennis van de Bijbel in de kerkdiensten voorgaat. Hij preekt vanuit de Schrift en kan lijnen trekken naar het heden, zonder dat de waan van de dag de overhand krijgt. Hij mag vanuit een authentieke, persoonlijke stijl de gemeente onderwijzen, waarvoor ook de catechisaties gebruikt kunnen worden.
De dienst is een geheel. De liturgie en de middelen (bijv. schermen, landkaarten, muziek) die daarbij worden gebruikt laten zien dat er aandacht aan is besteed en dat de gemeenteleden erbij betrokken worden.
De liturgie, die aansluit bij de verkondiging, geeft ook verschillende andere aspecten voldoende ruimte; denk aan lofprijzing, verootmoediging en bevestiging.
Tenslotte worden goede gewoontes van de gemeente ondersteund en verder uitgebouwd, bijvoorbeeld dat bij ons kinderen vanaf de catechisatieleeftijd aan het avondmaal mogen gaan.

Herder

Naast de prediking heeft de dominee een rol als herder met een open blik voor wat er om ons heen gebeurt. In de gemeente kunnen lijnen worden uitgezet die terugkomen in de dienst, op de catechisatie en bijv. in verenigingen. De dienst op zondag staat centraal. Daarbij kunnen social media en andere hulpmiddelen gebruikt worden. Onderwerpen kunnen van tevoren aangekondigd of later uitgediept worden in bijvoorbeeld besprekingen of discussies. Naar buiten zou de directe omgeving van de gemeente meer aandacht kunnen krijgen, maar ook een goede focus op onze naasten verder weg. We zouden ook het omzien naar elkaar verder willen versterken, gestimuleerd worden een levende gemeente te blijven en nog meer te worden. Wellicht kan een predikant hier ook de aanzet geven andere middelen of wegen in te zetten, bijv. het wijkwerk te versterken. Pastoraat hoort nadrukkelijk ook bij de taken van de predikant.

Eigenschappen en vaardigheden

Onze predikant heeft de volgende eigenschappen en vaardigheden:
- Authenticiteit, waarmee wordt bedoeld dat hij zichzelf moet (kunnen en mogen) zijn in alle contacten met de gemeente,
- contactueel vaardig en empathisch genoeg om te kunnen omgaan met het randstedelijke, wat directe karakter van de gemeente,
- onafhankelijkheid, in die zin dat de minder sterke kanten van de gemeente niet leiden tot teleurstelling of stress,
- enthousiasme en inzet, niet snel geneigd de moed op te geven; er de schouders onder kunnen zetten,
- taken samen doen (pastoraat, omzien naar elkaar) is ook een opdracht voor de gehele gemeente, daarom moet de predikant kunnen delegeren en (op tijd) ook loslaten.

Tenslotte

Wij beseffen dat dit niet allemaal in een persoon te vinden zal zijn. De gemeente is er ook. Zij zal moeten voorzien in lacunes. Daarnaast, wij beseffen dat noch de herder en leraar, noch de kudde zonder onze grote Voorganger kan.